flora

 

Spaanse Pyreneeën en Sierra de Guara

 

Flora

Op een 50 km doorsnede van noord naar zuid kom je een ongelofelijke variatie van planten tegen: van de spaarzame begroeiing hoog in de bergen tot de garrigue (Matoral) van de Guara.

In de bergen is er een variatie met de hoogte, de oriëntatie en de ondergrond. Zie daarvoor de doorsneden uit de flora van Saule.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Begin juli kleuren de berghellingen vaak felgeel door de Echinospartum horridum, stekende egelbrem. Deze inderdaad zeer stekelige plant breidde na het verlaten van landbouwgronden enorm uit maar verschijnt ook na ontbossing of brand en beschermt zo de bodem tegen erosie

.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een van de mooiste planten is ongetwijfeld de Iris latifolia die endemisch is voor de Pyreneeën. Doordat hij gemeden wordt door het vee kleuren de flanken van de bergen in juli prachtig blauw. “Par son élégance, par la délicatesse et la densité de ses couleurs, l’Iris des Pyrenées rivalise avec de prestigieuses créations horticoles…” (Saule, p 450)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Nog zo’n schitterende endeem is de Pyrenese lelie, Lilium pyrenaïcum, door Saule in zijn flora beschreven als “…une des plantes les plus remarquables de la flore des Pyrénées” (p 434) en dat is niet gelogen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

We gaan verder geen ellenlange lijst opdreunen maar vermelden enkel nog enkele opvallende soorten.

Op de rotsen kan je de rozetten van de Ramonda pyrenaica vinden, ook al een endeem en één van de oudste overblijfsels van de Pyrenese flora, vermoedelijk zelfs uit het Tertiar. De plant werd genoemd naar de Franse pionier Ramond de Carbonnières die in de 18° eeuw de flora van het massief van de Monte Perdido onderzocht. Het is één van de enige planten die een volledige verdroging kan overleven. Dit mechanisme zorgde er waarschijnlijk voor dat deze soort de ijstijden overleefde.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Saxifraga longifolia of langbladige steenbreek, uiteraard ook een endeem, groeit op de rotswanden, kan tot 35 jaar oud worden en bloeit één keer. De bloeiwijze is dan ook indrukwekkend en kan 80 cm lang worden en meer dan 500 bloemen bevatten! Net zoals de Ramonda zou dit een restant van het Tertiair zijn.

 

Hoger in de bergen groeit tussen de rotsen de Borderea pyrenaica, een klein plantje dat meer dan 300 jaar oud kan worden. Daar moet ik volgende keer toch eens naar op zoek!

 

De bloemrijke weiden zijn een lust voor het oog en erg soortenrijk, tenminste als er niet over-begraasd is wat hier en daar jammer genoeg wel het geval is.

 

In de Guara overheerst de matorral (garrigue) met planten die vroeg in het voorjaar bloeien en sclerofyten, planten aangepast aan de droogte, altijd groen met harde, kleine blaadjes: steeneik, hulsteik, buxus, rozemarijn, sedum soorten, beredruif, zonneroosje (Cistus), lavendel…

 

Bijzonder mooi is de blauwe strobloem (Catananche caerulea) waarvan de bloem enkel in de voormiddag open is. Ook opvallend is Leuzea conifera of kegeldragende centaurie waarvan de bloeiwijze op een sparrenkegel lijkt.

 

 

 

Pyrenese lelie
Ramonda